Alle zenders wilden in de afgelopen weken het vers geblondeerde hoofd van Mirjam Pol kunnen laten zien. De enige Nederlandse vrouw in de Dakar - voor de tweede keer zowaar - dat mocht hun kijkers niet worden onthouden. De Bornse kwam maar wat graag opdraven. Ze had nog geen hoofdsponsor.
Hectische weken waren het. Een half jaar minstens vergt de voorbereiding op de Dakar, die de zwaarste rally-raid ter wereld wordt genoemd. Maar als het echte aftellen is begonnen, gaan er dingen mis die veel kopzorg geven.Na haar Dakar-debuut, in 2006 is de nu 23-jarige Mirjam Pol wel wat gewend. ‘Maar het wordt toch stressen als blijkt dat het kledingpakket wat je op het laatste moment krijgt geleverd, niet klopt. Verkeerde broek, shirts zonder sponsorlogo’s. Dan ga je bellen met de leverancier en die zegt doodleuk: pak zelf even de naaimachine. Terwijl je in een bedrijfshal staat omdat de bagage op dat moment wordt ingepakt die met de vrachtwagen met onderdelen al naar Lissabon vertrekt. En dat gebeurt op 29 december. Veel bedrijven hebben dan het licht al uit gedaan, bijna iedereen is al vrij.’
Als The Legend werd ze vorig jaar januari in Borne onthaald, begeleid door een karavaan crossers, uit heel Twente. ‘Wie nou bedacht heeft dat er Legend op de T-shirts moest komen, is me nog steeds niet duidelijk. Maar het was heel gaaf’, zegt ze en ze krijgt het er een jaar later weer warm van.
Terug naar de Dakar, het idee begon in de lente te komen. Eenmaal een Dakar-fan, altijd een Dakar-fan, blijkt. Ze hoeft niets meer te bewijzen. ‘Hoogstens dat ik het ook een tweede keer kan’, zegt ze bondig. ‘En dat is moeilijker dan de eerste keer. Nu weet ik wat me te wachten staat.’
Mirjam Pol spreekt in korte, krachtige zinnen. Een docente lichamelijke opvoeding moet een klas kort en bondig kunnen vertellen wat zij van hen bij de volgende oefening verlangt. Voor radio en tv makkelijk te monteren teksten, maar wie een story, een lang onderhoudend verhaal verwacht, moet dat zelf goed voorbereiden. Ze schatert om wat haar vorig jaar overkwam: een tv-reporter van het type kletsmajoor die al na twintig seconden door z’n vragen heen is.
Ze is - als de enige Twentse – bovenal de enige Nederlandse vrouw, de trots van het Yamaha Team Holland. Dat kreeg vorig jaar respect voor de nooit klagende rijdster. Ofschoon ze bijvoorbeeld een dag van achttien uur in de woestijn beleefde. In het donker, onder een sterrenhemel, vergeefs uitkeek naar andere ‘motards’. ‘Dan voel je je niet prettig. Dan rij je een zandduin op, waar je uitzicht hebt, ontdek je ineens lichtjes en die komen dan je kant op. Rijders die het ook even niet meer weten, verzamelen zich. Dat is ook de Dakar.’
De les van 2006 werd een lesboek. De nieuwe motor – vorig jaar kreeg ze een gebruikte mee – werd een 2-Track in enduro set-up. ‘Iets aangepast, voor extra trekkracht in het lagere toerengebied, maar niet de cross-variant. Die is feller, kan eerder stuk gaan. Ik heb gekozen voor betrouwbaarheid.’ Om seconden winnen gaat het in haar Dakar niet.
De rugzak is thuis gebleven. ‘Heb je onderweg teveel last van’, is haar ervaring. ‘Alleen die camelbag, om onderweg te kunnen drinken.’ En twee verschillende kleuren glazen voor de motorbril. ‘Donker, tegen schittering in de woestijn waar je anders met toegeknepen ogen rondrijdt en verschrikkelijke koppijn kan oplopen. Wit voor in het donker: ‘s morgens vroeg of als de zon is ondergegaan.’ Verder speciale gevulde repen, die ze kan opeten als ze eenmaal de aanlooproute heeft afgelegd. ‘De organisatie zorgt voor de catering, dus ook ontbijt, maar ik krijg ‘s morgens vroeg geen hap door m’n keel.’ Verder weer de bodywarmer, die op stroom werkt en onderweg in de kou voor een warm lijf zorgt ook handverwarmingselementen zoals hengelaars wel op zak hebben. ‘Is ook ‘s nachts in je tent, als de temperatuur enorm gedaald is, fijn.’
Ze reed in Nederland crosses en enduro’s en kreeg soms meer publiciteit dan de winnaars. Zelfs als toeschouwer werd haar de microfoon onder de neus geduwd. Zoals bij de grasbaan races in Lattrop. Bij de cross in Bentelo, tijdens de bouwvakvakantie, begon haar fondswerving. Pas na de publieks-shakedown, in Valkenswaard, waar alle Nederlandse Dakar-deelnemers werden gepresenteerd, ging de kassa echt rinkelen. ‘ák reed daar rond met een groot vraagteken op m’n rug. Dat heeft uiteindelijk succes opgeleverd. Er zijn mensen naar mij toegekomen, die al een team steunden maar ook mij wel wilden helpen. Twee bedrijven hebben daarna nog contact met me gezocht. Een hele rust, want nu is mijn budget zo goed als gedekt. En dan praat je wel over 25.000 euro.’ Zonder arrogant te willen zijn, klinkt het: ‘Ik heb steeds het vertrouwen gehad dat het goed zo komen.’

















