Hieronder eerdere uitspraken van Mirjam Pol over de Dakar Rally uit een interview met deze krant.
,,Ik ben nog steeds een broekie van 27, gemiddeld ligt de leeftijd tussen de 30 en 45 jaar. De eerste keer werd gezegd dat ik misschien vijf dagen kon halen: ik was vrouw, was te jong en had te weinig ervaring. Ieder jaar valt ook ruim de helft uit. Ik praatte natuurlijk met een paar ervaren rijders over m'n kansen. Eén vroeg: 'Heb je wel eens in het donker gereden?'. 'Nee', zei ik. 'Dan gaan we dat eens doen', antwoordde hij. Na afloop zei hij: 'Je rijdt niet hard, maar je hebt ook geen fout gemaakt. Je kunt dus echt wel binnenkomen'. Ben ook gaan oefenen in de woestijn, of ik die zware motor wel kon optillen. Anders had meedoen geen zin. En het lukte. Bij m'n debuut in Le Dakar zag ik op de rustdag routiniers naar me kijken. Zo van 'hé, ze loopt hier nog'. Toen wist ik dat ik er als nieuwkomer een beetje bijhoorde."
,,Ik moet heel veel zelf doen, sponsors zoeken enzo, want fabrieksteams bestaan bijna niet meer. Ik heb een budget van rond een ton. Mensen vragen wel eens: 'Hoe kom je aan zoveel geld?'. De inschrijving kost alleen al 14.000 euro. Voor tien minuten zendtijd op RTL7 ben je 18.000 euro kwijt. Maar ja, een sponsor wil dat. Dat is al 32.000 euro aan uitgaven, dan heb je nog niks. Iedereen denkt dat ik tien motoren in de schuur heb staan. Maar ik heb m'n autootje en m'n motor moeten verkopen, want ik moet op alle kosten besparen."
,,De eerste keer was meedoen en aankomen het belangrijkste. Het klassement interesseerde me niet. In 2007 verraste het me dat ik me vrij gemakkelijk bij de eerste vijf vrouwen wist te handhaven. Ik was er ook anders mee bezig. Heel bewust. Ik kan heel berekenend rijden. Tactisch ben ik wel slim."
,,In 2008 wilde ik voor het eerst echt winnen en baalde dat de rally werd afgelast. In 2009 - het jaar dat ik won - was m'n grootste concurrente een Zweedse, Annie Seel, die sneller is maar ook veel meer fouten maakt. Ze heeft een beetje een kamikaze- stijl. De tweede dag lag ik al snel een paar minuten voor op haar en dat werden er alleen maar meer. Ik wist het elke dag verder uit te bouwen tot ik ruim drie uur voorlag. Drie dagen voor het eind kreeg ik echter drie uur straftijd uur opgelegd na het missen van een waypoint, een plek die je kunt bereiken met het GPS-systeem. Dat waypoint lag bijna vijf kilometer buiten de route. En je bent verplicht het routeboek te volgen, dus dat deed ik. Ik diende een protest in, dat kost je 500 euro, maar de organisatie wilde het niet terugdraaien. Achteraf gaf een van de hoogste bazen toe dat ze fout zaten, mede omdat er die dag veel problemen waren geweest."
,,De Zweedse had het waypoint wel gevonden, dus stond ik weer tweede. Er volgden nog twee heel technische etappes waarbij het vooral op snelheid aankwam. Maar ik had de kop zo verkeerd staan. Zó wilde ik niet tweede worden, ik wilde alleen maar de beste zijn. Dus reed ik heel bekeken. M'n concurrente kwam in een zandstorm terecht. Na de finish dacht ik nog: zou ze al binnen zijn. Ik heb drie uur op m'n motor zitten wachten op haar en toen wist ik dat ik weer eerste was. De laatste etappe baalde ik een beetje. Het was zo gewoon, geen enkele uitdaging, vond er geen bal aan. Kwam over de eindstreep en dacht: ik ben er, ik ben er zelfs als eerste. Nu even met huis bellen, met m'n moeder die niet meekon naar Zuid-Amerika: 'Ik heb gewonnen, wil je 't even doorgeven aan m'n broer'. Ik ga op zo'n moment niet uitgebreid feestvieren. Wat ik wel mooi vond is dat ik pas geleden werd uitgeroepen tot sportvrouw van het jaar in m'n woonplaats Borne. Je merkt dan dat iedereen hier volgt hoe je 't doet in de Dakar, iedereen herkent je ook tegenwoordig. Misschien wel een beetje vreemd. M'n broer is bijvoorbeeld een veel betere motorrijder. Die heeft laatst een endurozesdaagse in Portugal uitgereden, nou, dat doe je niet zomaar. Maar bijna niemand weet dat."
,,Ik deed hier in de buurt een keer mee aan de enduro. Kwam er een man op me af en die vroeg: 'Jij bent toch dat grietje dat de Dakar Rally heeft uitgereden? Maar je rijdt helemaal niet zo bijzonder'. Ik reageerde: 'Maar daar rij je wel tien, vijftien uur aan een stuk door, hoor'. Later hoorde ik dat hij met z'n vrienden had afgesproken: 'Als zij 't kan, kunnen wij 't ook'. Ze deden inderdaad een keer mee, maar reden 'm niet uit."
,,De lange, zware zandetappes zijn m'n ding. Zeg maar het betere ploeterwerk. Hoe slechter het parcours is, hoe meer modder, des te beter ik presteer. De verschillen in het klassement worden dan ook groter. Je leest de route vanaf papier, het routeboek. Dat is een sterk punt van mij. Je moet ingewikkelde situaties goed bekijken. Ik rij wat zachter, om een paar seconden langer het routeboek goed te bekijken. Dat scheelt enorm. In groepjes rij ik ook altijd op kop, anders ga je veel eerder de fout in. Je moet ervoor zorgen dat je constant rijdt, in een goed tempo en dat je goed navigeert. Het is eigenlijk de kunst dat je onderweg niks meemaakt en er niks fout gaat."
,,Na de eerste rally ben ik drie maanden fysiek van de leg geweest. Dan ben je al buiten adem als je de trap oploopt, dat heb ik nu nog. Het is ook zo zwaar, je maakt lange dagen. Ik had niks met met speciale voeding, was geen goede ontbijter, ik moest op twee boterhammen rijden. Nog een wonder dat het zo lukte de rally uit te rijden. Die lange dagen kwamen, omdat ik na aankomst in het bivak ging kijken bij de andere teams en niet m'n rust nam. Nu ga ik beter met m'n voeding om en let ik erop dat ik voldoende slaap krijg."



Sorteer reacties











