Het plan voor een Twentse Taalbank is het tweede opmerkelijke initiatief van de Oudheidkamer Twente in korte tijd.
Onlangs werd bekend dat de vereniging onderzoekt of er in samenwerking met een Nederlandse universiteit een leerstoel Twentse geschiedenis kan komen. Beide plannen zijn geen toeval, zegt voorzitter Jan van Alsté. "Wij willen weer leidend worden op het gebied van onderzoek naar het Twents erfgoed. We vinden dat wij de aanjager moeten zijn als het gaat om de verdieping van onze kennis. Dat is iets waar vervolgens alle historische clubs in Twente ook weer van kunnen profiteren."De afgelopen jaren was het relatief stil rond de Oudheidkamer, beaamt Van Alsté. "We waren bezig met de aankoop van een eigen gebouw, het onderbrengen van onze collectie bij museum TwentseWelle, het opnieuw opzetten van ons blad. Nu is het tijd voor een nieuwe stap."
Die stap zou vooral in de richting van een meer wetenschappelijke benadering van het Twentse erfgoed moeten gaan. "Je kunt natuurlijk nog een schilderij of een oude Twentse kast aan je collectie toevoegen, maar het lijkt ons beter om waar mogelijk de kennis over Twente te verdiepen."
Eigenlijk betekent dit een terugkeer naar de historische rol van de Oudheidkamer, vindt Van Alsté. "We zijn de oudste, overkoepelende historische vereniging in Twente, die sinds 1905 geprobeerd heeft de kennis van land en volk van Twente te verdiepen. Dat willen we nu opnieuw op een eigentijdse, professionele manier."
Van Alsté zegt zich bij het werven van niet op één geldschieter te zullen richten. "We kijken naar alle overheden; van Brussel tot Twentse gemeenten. En we richten ons daarnaast ook op bedrijven en geïnteresseerde particulieren."














