BREKLENKAMP/HALLE - Voor het eerst vieren ze geen kerst in hun vertrouwde boerderij in Breklenkamp. Jan en Johanna Scholten werden door een verandering in de pachtwet gedwongen hun boerenerf te verlaten.
Af en toe welt er een traan en wordt de emotie een van beiden teveel. Dan dwalen de gedachten weer af naar het inmiddels verlaten en lege boerenerf aan de Jonkershoesweg 4 in Breklenkamp. Op steenworp afstand van Huis te Breckelenkamp, de vroegere jeugdherberg. Het boerenerf van de familie Scholten, die daar ruim 400 jaar - vanaf 1600 - heeft gewoond. Het erf ook, waar vele duizenden toeristen kwamen kijken naar de grote eik, die door het dak van de bakspieker was gegroeid. Althans, zo wist Jan Scholten (65) het altijd mooi te vertellen, als hij met een groepje mensen bij het vakwerkgebouwtje stond. En waarbij zijn vrouw Johanna (54), een Bentheimse van oorsprong, koffie met krentenwegge serveerde. „Het was een mooie tijd. Al die mensen. Nederlanders uit alle provincies, die nieuwsgierig kwamen kijken. Het bord aan de weg hadden gezien. Heel veel Duitsers ook, omdat we zo dicht bij de groene grens zaten.” In 2005 stopten ze met hun melkveebedrijf. Het was in feite te klein om te kunnen voortbestaan. Het melkquotum werd verkocht, de 20 hectare werd door eigenaar Twickel uitgegeven aan andere boeren. Jan en Johanna Scholten hielden de hoeve over met één hectare grond, inclusief boomgaard. Hun overeenkomst met Twickel was de zogenaamde hoevepacht. Eeuwen lang ging de boerderij over van vader op zoon. En toen kwam er plotseling een telefoontje van de assistent-rentmeester van Twickel. De korte boodschap was keihard en meedogenloos: „We konden niet blijven wonen. We moesten ons maar laten inschrijven bij de gemeente.” De wereld van Jan en Johanna Scholten stortte in.
Meer in de krant van zaterdag



Sorteer reacties














