Herman Veltkamp met de burgemeestersstoel met wapen van Schimmelpenninck en het kabinet van Schimmelpenninck. Foto Carlo ter Ellen
DIEPENHEIM - Het Oranjemuseum in Diepenheim heeft een kostbaar en eeuwenoud kabinet ofwel een kunstkast in zijn bezit dat eens eigendom was van raadspensionaris Rutger Jan Schimmelpenninck.
De jurist Schimmelpenninck maakte naam, nadat hij op verzoek van Napoleon de nieuwe grondwet schreef voor Nederland, dat in 1806 de Bataafse republiek werd genoemd. Schimmelpenninck was heer van het Nijenhuis en Peckedam, twee kastelen bij Diepenheim. Zijn zoon schopte het zelfs tot minister-president van ons land. „Wij zijn heel blij met dit bijzondere kabinet”, zegt Herman Veltkamp van het Oranjemuseum dat vijf jaar bestaat en afgelopen jaar al 10.000 bezoekers kreeg. Het Oranjemuseum heeft het kabinet voor enkele tienduizenden euro’s laten restaureren. „Daarvoor hebben we financiële steun gekregen van verschillen fondsen.”
Het kabinet was een geschenk bij het huwelijk tussen Schimmelpenninck en Catharina Nahuys en stond jarenlang in het kasteel Nijenhuis. Een kleindochter van Rutger Jan Schimmelpenninck verkocht het in 1880 aan haar buurmeisje Laberdina Fukking van erve De Enk. Saillant detail is dat Schimmelpenninck actief was in de patriottenbeweging en niet echt Oranjegezind. Op verzoek van Napoleon nam Schimmelpenninck de regering over van het Staatse bewind in 1805. Maar al een jaar later schoof Napoleon hem aan de kant om zijn broer Lodewijk Napoleon staatshoofd en later zelfs koning van Nederland te maken.
„We leggen in ons museum altijd een relatie met Twente”, zegt Veltkamp. Daarom is het kabinet ingepakt volgens de Twentse traditie uit de achttiende eeuw. De uitzet was van Geesken ten Donkelaar en Gerrit ten Haghuis van het huis waar nu het Oranjemuseum in is gevestigd. Het opgerolde linnen is Twentse vouwkunst. „Twente is groot geworden met de textiel nadat de Twentenaren vlas verbouwden en dat tot linnen verwerkten. De uitzet bestond uit lakens, hemden, servetten, slopen en ook alvast twee doodshemden. „De boeren lieten het linnen enkele keren wassen. Alleen het doodskleed moesten de mensen ‘s nachts aan de drooglijn hangen. Zou je dat overdag doen dan krijg je problemen met de duivel, zo dacht men toen.”
Om het museum het aanzien van een klein landgoed te geven heeft Veltkamp een berceau of loofgang laten aanleggen. Adellijke dames konden in de 17e eeuw door de dichtgegroeide gang buiten wandelen, zonder bang te moeten zijn dat hun huid verkleurde.
Het Oranjemuseum houdt zaterdag 4 februari om 14.00 uur een contactdag voor donateurs. Danny de Vries die de explosie van de vuurwerkramp in Enschede filmde en daardoor in contact kwam met koningin Beatrix geeft een lezing over het Oranjehuis. De Vries stelde een fotoboek samen over Amalia.

















