ENSCHEDE - Een vroege wandelaar doet een morbide ontdekking aan de Sleutelweg. Aan de achterkant van de Oosterbegraafplaats vindt hij een partij koper, gestolen van graven. Zo ligt er ook de beroemde Wenende Engel klaar voor transport, om gesmolten te worden.
De Engel plengt sinds 1922 haar tranen op het graf van Anna Maria Johanna Elderink (1879-1922). Haar broer, die antiquair was, had het uit Tsjecho-Slowakije gehaald speciaal voor op het graf van zijn lievelingszus op de Oosterbegraafplaats. Voor de koperdieven is het emotionele gewicht van het beeld van nul waarde. Voor hen is het een paar tientjes koper waard.
De vroege wandelaar - hij wil graag anoniem blijven - vindt woensdagochtend de Engel bij een gat in het hek van de begraafplaats. De buit bestaande uit beeld, dek- en naamplaten van graven is er achtergelaten omdat de dieven klaarblijkelijk zijn gestoord.
De wandelaar waarschuwt het personeel van de begraafplaats, en samen laden ze het koper op een vrachtwagentje. De wandelaar is verbaasd dat de Engel zo weinig weegt, hooguit 30 tot 40 kilo. Het mansgrote beeld is van binnen hol. De hele partij is volgens hem hooguit 400 tot 450 euro aan koper waard.
Monique Kiekebosch is de baas van de begraafplaatsen in Enschede. Ze kan er met haar verstand niet bij dat er mensen zijn die koper van graven stelen. „Ik begrijp echt niet wat deze mensen bezielt. Hoe erg het ook is”, zegt ze, „je kunt er eigenlijk niets tegen doen.” De Ooster- en Westerbegraafplaats zijn groot, en liggen er ’s nachts verlaten bij. Kiekebosch: „Je kunt moeilijk overal camera’s hangen.” Ze vertelt dat de schade aan de dertien graven in principe voor rekening van de nabestaanden is, of de rechthebbenden, zoals dat heet. Die huren een plekje op de begraafplaats. Wat ze op het graf bouwen, is aan hen.
Gerard Koning is de beheerder van de Oosterbegraafplaats. Hij is woensdagmorgen door de wandelaar gewaarschuwd. Samen hebben ze het materiaal teruggebracht. Hij is de rest van de dag druk geweest met het achterhalen van de nabestaanden. Een hele klus. Sommige graven waarvan koper is gesloopt, zijn al oud. En het is vakantietijd, dat maakt het er niet gemakkelijker op mensen te bereiken. Koning heeft er meteen de politie bijgehaald. Die zou de zaak hoog opnemen. Volgens de beheerder van de begraafplaats moeten er op sommige platen vingerafdrukken staan. Hij en zijn mensen zijn er netjes vanaf gebleven. Opdat de technische recherche haar werk goed kan doen.
Een paar jaar geleden werd er wel vaker koper gestolen van de Ooster en de Westerbegraafplaats, maar de laatste jaren viel het erg mee, vertellen Kiekebosch en Koning. Ze zijn overvallen door deze omvangrijke poging tot diefstal.
Ze herhalen dat ze niet snappen dat er mensen zijn die zulke dingen van graven stelen. De waarde in geld staat in geen enkele verhouding tot de emotionele waarde van zo’n beeld.
Zo verdween op 2 mei van de Oosterbegraafplaats het beeld dat in de volksmond ‘Menneke Pis’ was gaan heten. Het stelde een blote man die een fakkel draagt voor, met duidelijk zichtbaar zijn piemel. Vandaar de bijnaam.
Het beeld heette eigenlijk ‘De Fakkeldrager’. En het stond op het graf van Engelandvaarder en oorlogsheld Henk Brinkgreve. Brinkgreve wist tijdens de oorlog naar Engeland te vluchten, om tijdens operatie Market Garden in zijn vaderland terug te keren. Market Garden mislukte en Brinkgreve wist in ons land onder te duiken. Hij werd op 5 maart 1945 doodgeschoten bij een inval op zijn schuiladres in Losser.
In 1946 werd hij postuum onderscheiden als Ridder 4e Klasse der Militaire Willemsorde wegens moed, beleid en trouw en kreeg de King’s Commendation for Brave Conduct. Het van zijn graf gestolen kunstwerk was ontworpen en gemaakt door zijn broer, de kunstenaar, Geurt Brinkgreve.
Het beeld is sinds 2 mei spoorloos.








Sorteer reacties














