ENSCHEDE - Ondernemers in het winkelcentrum Zuid in de Wesselerbrink klagen over onvoldoende medewerking van de gemeente. Wethouder Myra Koomen herkent zich niet in de kritiek. Ze draagt drie miljoen euro bij. De rest moet van de eigenaren komen.
{Kop}
De kritiek op de gemeente van ondernemers die zijn gevestigd in het winkelcentrum Zuid is onterecht. Het ligt niet aan de lokale overheid dat de plannen voor renovatie van deze locatie gelegen op de hoek van de Wesselerbrinklaan en de Broekheurnering al drie jaar op uitvoering wachten. De gemeente doet meer dan genoeg. Dat zegt wethouder Myra Koomen naar aanleiding van kritische opmerkingen over de lange aanloopperiode die is gemoeid met dit veelbesproken project.
„De gemeente is geen eigenaresse van het winkelcentrum, dat is de Vereniging van Eigenaren. We ondersteunen de plannen op alle mogelijke manieren. Zo brengt de gemeente de ambtelijke ondersteuning niet in rekening. En kijk ook naar de grond die we inbrengen bij de ontwikkeling van de openbare ruimte. De gemeente hecht veel waarde aan een locatie als deze waar tal van sociale voorzieningen bij betrokken zijn. Denk bijvoorbeeld aan de nieuwe gymnastiekzaal.”
Volgens Koomen stopt de gemeente drie miljoen in de herontwikkeling van het winkelcentrum. De resterende 3,5 miljoen moet volgens haar door de eigenaren worden opgebracht. „Er zit wel een limiet aan onze bijdragen. En we gaan ervoor. Het is absoluut niet zo dat we de vergunningverlening rekken. Integendeel. De kritiek is oneerlijk. We dragen ons steentje bij. Laat de ondernemers maar ’ns goed naar zichzelf kijken.”



Sorteer reacties














