EIBERGEN - Kenmerk van De Scheper in Eibergen is de veelzijdigheid. Het
museum biedt informatie over archeologie, geologie en de textielindustrie in
Eibergen. Maar ook kunst en literatuur krijgen er aandacht. Bovendien heeft
De Scheper een archief met een schat aan foto's en andere historische
documenten.
Voorzitter Peter Braam van De Scheper vindt dat het museum zich de vraag
moet stellen of dat allemaal niet wat te veel van het goede is. Of het wel
verstandig is die grote diversiteit te handhaven.
Braam stelt vast
dat het door de beperkte ruimte steeds lastiger wordt alle onderdelen in de
vaste exposities tot hun recht te laten komen. "Dit betekent dat wij
meer moeten selecteren bij wat we tonen." Het liefst zou hij zien dat
het museum voor een bepaald thema kiest. "Wij hebben daar volop
mogelijkheden voor. Hierbij kun je denken aan archeologie en geologie. Of de
dichter Willem Sluiter." Ook andere musea in de regio zouden er volgens
hem goed aan doen voor een bepaald thema te kiezen. "Wij zouden met
elkaar kunnen afspreken wie wat gaan doen."
Een
nadrukkelijke taakverdeling tussen musea kan in de optiek van Braam positief
uitpakken. "Als musea elk hun eigen specialisatie hebben, zijn er
minder doublures in de exposities. Bovendien kunnen ze op bepaalde
onderwerpen dieper in gaan. Dat maakt ze extra interessant. Als ze hun
activiteiten goed op elkaar afstemmen, vullen musea elkaar goed aan. Ik
verwacht daarom dat ze meer bezoek zullen trekken. Uit de streek zelf. Maar
ook voor toeristen wordt De Achterhoek aantrekkelijker, als je een pakket
musea met verschillende thema's kunt aanbieden. Met de VVV zijn er zo
diverse boeiende arrangementen te stellen."
De idee om één
historisch museum voor Berkelland op te richten, spreekt Braam niet aan. "
Of het nu Borculo, Eibergen, Neede en Ruurlo zijn, of de kleine kernen van
onze gemeente, elke gemeenschap heeft haar eigen geschiedenis. Vaak voelt
een groep inwoners zich daar nauw bij betrokken en is daarom actief voor een
lokaal museum. Als je kiest voor een centrale huisvesting, zal die
betrokkenheid waarschijnlijk afnemen. Dan zou het aantal vrijwilligers wel
eens sterk kunnen afnemen. Wat erg jammer zou zijn. Want het zijn wel de
mensen die dit soort musea in stand houden."
Wel is het in de
visie van Braam zinvol na te gaan of de musea er baat hebben als ze in één
stichting worden ondergebracht. "Zo'n stichting kan, met name voor het
doelmatig beheer van de gebouwen, positief uitpakken. Denk aan het onderhoud
en dat soort dingen."
De Scheper zit in een 19e eeuws
herenhuis dat van de gemeente is. Dat geldt ook voor het historisch archief.
Voor de exploitatie ontvangt het museum jaarlijks 42.000 euro van de
gemeente. Braam: "Zonder de inzet van onze zeventig vrijwilligers,
zouden we financieel niet rond komen. Het is mede aan diezelfde
vrijwilligers te danken dat De Scheper officieel als museum is
geregistreerd. Wat betekent dat onze collectie tot in detail staat
beschreven en het gebouw voldoet aan de eisen zoals die landelijk gelden."
De toekomst van de huisvesting van De Scheper is onzeker. Braam: "De
gemeente bekijkt of zij dit pand en andere gebouwen gaat verkopen. Als wij
het zouden moeten overnemen, kan dat niet zo maar. Want we hebben het geld
er niet voor. "
Als het museum moet verhuizen, ontstaat er in
elk geval een probleem rond de toekomst van het boerderijtje de Vuurrever.
Braam: "Onze vrijwilligers hebben dit karakteristieke gebouwtje in 1995
steen voor steen in Haarlo afgebroken en op traditionele wijze in de
achtertuin van ons museum herbouwd. Het boerderijtje hoort bij ons museum."
Braam doet zijn uitspraken op het moment dat de gemeente Berkelland
een nota over het museumbeleid voorbereidt. De notitie vloeit voort uit de
cultuurnota die onlangs door de gemeenteraad is vastgesteld.














