De zusjes Karima (18) en Krishma (15) Korshidi. Foto Charel van Tendeloo
De zusjes tussen hun klasgenoten. Foto Charel van Tendeloo
Handtekeningenactie. Foto: Lenneke Lingmont
HENGELO - Karima en Krishma wonen negen jaar in Nederland. Maar toch dreigen zij op korte termijn teruggestuurd te worden naar Afghanistan. Opnieuw dreigt ‘een onmenselijke uitzetting’.
Wat weten Karima (18) en Krishma (15) Khorshidi eigenlijk nog van Afghanistan? Niets. Krishma is de dag, zoals altijd, oer-Hollands begonnen. Met een beker melk, en een boterham hagelslag. „Wat ik van Afghanistan weet, dat weet ik van wat ik hier op televisie zie. Ik kan me niet voorstellen hoe het is om daar te moeten leven. Ik kan de taal niet lezen, niet schrijven en ook bijna niet spreken. Het idee om terug te moeten maakt me bang.”
Het verhaal van Karima en Krishma is de ‘affaire Sahar’ op herhaling. Eerst wilde minister Leers haar uitzetting per se doorzetten, hoewel een rechtbank dat verbood. Maar uiteindelijk gaf Leers aan Sahar en haar familie toch een verblijfsvergunning. Omdat het meisje na bijna 10 jaar verblijf hier ‘te verwesterd’ was om terug te sturen. Hij draaide om, na een ambtsbericht van 29 maart. Dat zegt dat in Afghanistan op ‘verwesterse meisjes grote ‘psychosociale druk’ wordt uitgeoefend.
Krishma: „Sahar gaf ons daarom hoop. Ik had daarna nooit gedacht dat uitgezet worden ons nog kon overkomen.” Maar vanaf dinsdag is dat de realiteit van alle dag; dan wordt vermoedelijk officieel de terugkeerprocedure in gang gezet. In dat geval kan Karima niet eens haar examen (vmbo-t) doen. Krishma zit in havo-3.
Het Bataafs Lyceum in Hengelo ontfermt zich over hen. Ook hier moet de minister ingrijpen, vindt rector Pieter Telleman. „Zij hebben in Afghanistan niets, maar dan ook niets te zoeken. Om eerlijk te zijn: ik wist niet eens dat ze daar waren geboren. Ze spreken perfect Nederlands, doen het goed op school, kleden zich als elk ander Nederlands kind. Ik wist niet beter dan dat Karima en Krishma hier waren geboren.”
De school begint een handtekeningactie, en grijpt vrijdag de traditionele stuntdag van de examenklassen aan om dit ‘menselijk onrecht’ aan de kaak te stellen.
„De knuppel moet in het hoenderhok. Iedereen hier op school is boos en verdrietig”, zegt de rector. „Er is zoveel ongeloof. ‘Dit kan toch niet zo maar in Nederland’, vragen de leerlingen? Blijkbaar dus wel. Zo’n zaak als Sahar leek zo ver weg, maar is ineens heel dichtbij. Dit komt aan.” De steun van de school geeft de zusjes wat extra hoop. Krishma: „De sfeer thuis is vol stress en spanning. Mijn vader praat nauwelijke meer en is niet zichzelf. Als ik thuis kom, kan ik zien dat mijn moeder heel erg gehuild heeft. Ze zijn echt bang. Dat is heel erg om te zien hoeveel verdriet en angst ze nu hebben.”
Maar ook om haar zus houdt ze haar hart vast. Zij zit voor haar examen, en haar zusje merkt zelf hoe moeilijk het nu is om je te concentreren op school. „Je gedachten dwalen toch de hele tijd af.”
Bijkomende punt van zorg is de gezondheid van Karima. Ze heeft vorig jaar een ernstige val gemaakt en heeft daarbij een scheurtje in haar schedel opgelopen. Van die val ondervindt ze nog steeds klachten; veel hoofdpijn en leerproblemen. Daarom doet de jongste nu het woord. Karima was gisteren weinig op school vanwege onderzoeken in het ziekenhuis. Rector Telleman: „Ze doet het op zich goed, ze zal het diploma zeker kunnen halen. Maar ik maak ik me grote zorgen: krijgt ze wel de noodzakelijke medische hulp in Afghanistan?”
Karima en Krishma hebben nog twee broertjes (2 en 13 jaar) en nog een zus (8).
Niet beschikbaar!





Sorteer reacties
















