ZWOLLE/ENSCHEDE – Geen moord, maar doodslag. Dat is de juridische kwalificatie van het misdrijf waarvoor Geert B. (49) uit Glanerbrug een langdurige gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging moet krijgen. Dat zegt officier van justitie Van der Werf.
Ze is ervan overtuigd dat de pedofiel de achtjarige Semiha Metin misbruikte en wurgde toen zij ‘als lustobject’ weigerde dienst te doen. Van der Werf eist een gevangenisstraf van 18 jaar en tbs met dwangverpleging. “Hij is een acuut gevaar in de aanwezigheid van jonge meisjes”, zei de officier over de man die zich volgens het Openbaar Ministerie liet adviseren door een pedovereniging en de stichting Martijn.
In Zwolle dient de rechtszaak tegen Geert B. (49) uit Glanerbrug. Hij wordt verdacht van verkrachting van een buurmeisje vorig jaar, van een meisje uit Lonneker tien jaar geleden en van een lustmoord in 1991 op Semiha Metin in Deventer.
Het leven van Geert B. draait volgens het Openbaar Ministerie om lustbevrediging. Daar had hij jonge meisjes voor nodig. Hij was vrijwilliger in een buurthuis, bij een gymnastiekvereniging en via de gemeente bij schoolsport en sportinstuif. Bij de gymnastiek streelde hij meisjes meermalen tussen de benen.
Bij een pedovereniging kreeghij tips hoe hij gevaarloos in contact kon komen met meisjes. “Alleen meisjes uit de buurt benaderen die je al kent en geen wildvreemden”, zei officier Van der Werf. “Zo is het inderdaad gegaan bij de slachtoffers van dit dossier”.
B. kreeg voorlichting van de stichting Martijn over het wissen en traceren van sporen.
Pedofiel Geert B. uit Glanerbrug ontkent dat hij 14 februari 1991 in Deventer de achtjarige Semiha Metin misbruikte en vermoordde. Hij zegt dat hij slechts aan de deur is geweest en weer is weggegaan nadat hij tijdschriften en pinda’s had afgegeven. B. heeft tegenover de politie wel toegegeven dat hij het overbuurmeisje eerder misbruikte.
De zaak kwam vorig jaar juni aan het rollen toen de ouders van het buurmeisje uit Glanerbrug ontdekten dat hun dochter was misbruikt. DNA-onderzoek wees uit dat Geert B. erbij betrokken was. Bovendien leidde het tot de verdenking dat hij ook de onopgeloste lustmoord op Semiha Metin op zijn geweten had. Onder leiding van rechter Koster worden vanochtend de recente zaken behandeld en vanmiddag de lustmoord.
Alleen 'gekrast aan de buitenkant'
Geert B. geeft toe dat hij vorig jaar zijn driejarige buurmeisje in
Glanerbrug seksueel heeft misbruikt. Hij maakte ook kinderporno met haar en
bond en tapete het meisje zelfs een keer vast. Volgens hem vond zij het niet
erg, juist omdat haar oma er bij was. B. kan vanwege dit misbruik een
schadeclaim verwachten van tegen de 30.000 euro als voorschot.
Geert B. beweert haar niet te hebben verkracht, maar alleen te hebben ‘gekrast aan de buitenkant’. Hij stelt dat een eerdere bekentenis van verkrachting tegenover de politie onder druk is afgelegd en vals is. Geert B. misbruikte het meisje volgens eigen zeggen twee jaar. Inge O. (de oma van het meisje) zou er regelmatig bij zijn geweest. O. werd eerder hiervoor vrijgesproken.
Verdriet en schuldgevoelens
Uit een slachtofferverklaring blijkt hoe het leven van het meisje veranderde.
Ze leed aan woedeaanvallen, wilde niet meer worden aangeraakt en in bad doen
werd een probleem. De verhuizing uit Glanerbrug heeft wat verbetering
gebracht, maar slapen gaat nog altijd slecht. Ook de ouders hebben enorm
geleden en werden heen en weer geslingerd tussen verdriet en
schuldgevoelens. “Waarom hebben we niet eerder gezien wat Geert deed?”,
verwijten zij zichzelf. Ze hebben zoveel mogelijk nieuwe spullen gekocht.
“Alles wat ons aan Geert herinnerde, moest weg. We vragen ons af waar Geert
het lef vandaan haalde om dit te doen. We maken ons zorgen om de toekomst
van onze dochter. Wat gaat er in dat koppie om?”
Namens het meisje en de ouders zie letselschadejurist dat hij een voorschot zal claimen van tegen de 30.000 euro aan schadeloosstelling. Hij betreurde dat slechts een deel daarvan via het strafrecht verhaald kan worden en dat de rest via het civiele recht geclaimd zal moeten worden. Hij vindt dat de positie van slachtoffers in het Nederlandse strafrecht op dit punt moet worden verbeterd. Om de impact op de familie te schetsen noemde Drost de zelfmoord van haar opa ‘die niet geheel los kan worden gezien van onderhavige misdrijf’
Behandeling geweigerd
Op de computer van Geert B. werden 18.419 kinderpornografische plaatjes
aangetroffen. Geert zegt dat hij valt op kinderen van drie tot twaalf jaar.
Geert verklaarde dat hij tot drie keer toe om behandeling heeft gevraagd bij
een kliniek vanwege deze seksuele behoefte. Hij werd echter steeds
afgewezen. Daarna was bij hem elke drempel weg. Hij kon zelfs niet meer
stoppen nadat de politie hem in 2006 betrapte. Die zaak bleef te lang liggen
en leidde uiteindelijk tot seponeren van de zaak.
Geert B. zegt zich niets te herinneren van misbruik van een meisje uit Lonneker, toen hij tuinman was. Bekennende verklaringen zou hij hebben afgelegd omdat de politie hem heel gemeen en hard verhoorde.
Semiha Metin
Rechter Koster begint met het voorhouden van de zaak Semiha Metin, het
achtjarige meisje dat in Deventer werd vermoord na te zijn misbruikt. Hij
schetst dat men denkt dat Semiha 14 februari 1991 tussen 10.00 en 13.00 uur
is gewurgd met de nachtpon van haar moeder. Er zat sporen op van Semiha,
haar moeder en een onbekende. Geert B. woonde in de buurt en werd als
getuige gehoord. Omdat hij de pyjama met een beertje erop van het meisje
beschreef terwijl hij die helemaal niet vanaf zijn huis had kunnen zien,
werd hij verdachte. Er bleek uiteindelijk echter onvoldoende bewijs tegen
hem.
In 2003 pakt een coldcase team de zaak weer op. Allerlei mensen wordt gevraagd DNA af te staan om dat te kunnen vergelijken met het speeksel dat op de nachtpon is gevonden waarmee zij werd gewurgd. Geert B. werd ook gevraagd maar hij weigerde medewerking op advies van zijn advocaat.
Vorig jaar moest hij DNA afstaan vanwege de zaak in Glanerbrug. Daarop bleek dat het speeksel zijn DNA bevat.
Tegenstrijdige verklaringen
Rechter Koster houdt Geert B. voor dat hij tegenover de politie heeft
verklaard dat hij het meisje seksueel misbruikte. Later trok hij dat weer in
om te verklaren dat hij slechts aan de deur is geweest om strips te brengen.
4 september vorig jaar is B. met de politie in Deventer wezen kijken. Ook toen verklaarde hij over misbruik van Semiha. Als zij zich heftig verzette stopte hij het misbruik omdat hij ‘dat had geleerd in een behandelkliniek in Oosterbeek’.
Tegenover rechter Koster zegt Geert B. dat hij die dag niet binnen is geweest. Hij bracht tijdschriften en een bakje pinda’s. Mogelijk is er speeksel van hem op de nachtpon gekomen waarmee het meisje werd gewurgd doordat hij moest niesen of met consumptie sprak. Volgens B. verscheen het meisje met de nachtpon om haar nek aan de deur omdat het zo koud was. Geert zei dat hij ook naar het huis toeging om de ouders aan te spreken op het gedrag van het meisje, dat rommel bij de flat zou maken. Hij had dat niet zelf gezien, maar van andere mensen uit de flat gehoord.
'TBS met dwangverpleging is nodig'
Volgens deskundigen die Geert B. hebben onderzocht, gaan agressie en
seksualiteit bij hem hand in hand. Mogelijk heeft dat ermee te maken dat hij
zou zijn misbruikt in het internaat Jan Pieter Heijen in Oosterbeek. Hij zou
het slachtofferschap hebben omgezet in daderschap en zich juist op jonge
meisjes hebben gericht over wie hij macht kon hebben. Kinderen zijn voor hem
een lustobject. Het zou volgens psychiater De Mon niet ondenkbaar zijn dat
deze pedofiel zich van een kind ontdoet middels moord als het niet wil. TBS
met dwangverpleging is nodig.
Tegenover een psycholoog verklaarde hij dat hij met meerdere meisjes seks had. Volgens de psycholoog is het kennelijke geheugenverlies van Geert B. erg selectief.
Geert B. zegt dat hij geholpen wil worden, maar niet in een gesloten inrichting en zeker niet via tbs met dwangverpleging. Dat doet hem dan teveel denken aan de hel in de J.P Heijen. “Ik ben daar verschrikkelijk bang voor”, zegt hij.
B. zegt dat hij ook goed werk heeft gedaan, vrijwilligerswerk met ouderen bijvoorbeeld. Een rechter wijst erop dat hij moest stoppen als vrijwilliger bij een gymnastiekvereniging in Enschede omdat hij zich ten opzichte van een meisje vreemd gedroeg.
Reconstructie
Officier Van justitie Van der Werf maakte de volgende reconstructie van 14
februari 1991. Op die dag van Semiha’s dood was Geert B. vrij. Hij zou zijn
woning aan de Wilhelminalaan overdragen aan nieuwe huurders. Als B. bezig is
met de lamellen ziet hij aan de overkant Semiha voor het raam staan. Semiha
is alleen thuis, haar moeder werkt en haar vader is naar een cursus. Haar
moeder belt zo nu en dan naar huis om na te gaan of alles goed gaat.
Van der Werf loopt de tijdlijn van de verdachte langs en van de diverse mensen die hem hebben gezien. Ze concludeert dat hij tussen 12.00 en 13.00 uur de gelegenheid had om Semiha te vermoorden.
Het nachthemd van moeder waarmee Semiha werd gewurgd, was de dag ervoor gewassen. Er bevonden zich drie speekselsporten op. Er werd in dat jaar bloed afgenomen bij Geert B., maar dat wees geen overeenkomst uit. De officier zegt nu dat dit onderzoek fout moet zijn geweest, begrijpelijk gezien de beginfase van het DNA-onderzoek.
Verder sporenonderzoek
De sporen werden in 2003 verder onderzocht. Ze bevatten DNA van de moeder,
een van de dochter en een van een onbekende man. Er werd bij ruim zeventig
mensen DNA afgenomen, maar niets matchte. Drie mannen, onder wie B.,
weigerden DNA af te staan. Van der Werf beschreef hoe het DNA dat in 2009
van B. werd afgenomen de doorbraak leverde. Diverse DNA-sporen blijken nu
overeen te komen met dat van de verdachte en leveren daarmee een belangrijk
bewijs.
Van der Werf zet uiteen dat de verklaringen van Geert B. in eerste instantie bij de politie afgelegd in een ontspannen sfeer verliepen. Zij wil daarom vasthouden aan zijn eerste uitlatingen dat hij wel bij Semiha in huis was. Dat zou ook verklaren waarom hij een aantal details van de kamer weet. Alle verhaaltjes die hij verzint als uitleg voor zijn speeksel op de nachtpon, ziet zij als leugens om onder de waarheid uit te komen.
Als bewijs neemt Van der Werf ook mee dat de manier waarop B. Semiha seksueel misbruikte overeenkwam met de voorkeur van misbruik bij andere meisjes. In 1991 werd hij voor een misbruik veroordeeld dat bij het slachtoffer tot dezelfde verwondingen leidde als bij Semiha werden gevonden.
Volgens Van der Werf is er geen sprake van moord (met voorbedachten rade), maar van doodslag. Geert B. wilde van zijn lustobject af toen dat zich verzette. Hij kwam niet aan zijn gerief en wurgde haar.
De officier acht ook de verkrachting van het buurmeisje en het vervaardigen en bezitten van kinderporno bewezen. Ook een meisje uit Lonneker zou hij hebben verkracht.
>> Zie ook het artikel Moeder van Semiha verlaat rechtszaal .
'Kijk kritisch naar warrige verklaringen'
Volgens advocaat Kalk moet er kritisch naar de warrige verklaringen worden gekeken die Geert B. heeft afgelegd. B. is makkelijk te beïnvloeden en geeft ervaringen van anderen weer alsof ze van hemzelf zijn. Een stevig medicijngebruik kan daarbij een rol spelen. “Cliënt heeft een geweldig grote fantasie en verklaart naar believen en naar omstandigheden en hutselt alles compleet door elkaar”. Zijn verklaringen kunnen daarom niet als bewijs worden gebruikt.
Voor het misbruik van een meisje in Lonneker is volgens Kalk geen bewijs. Bovendien is het Openbaar Ministerie op dit punt niet ontvankelijk. Omdat hier sprake is van ‘een hervonden herinnering’ bij het slachtoffer had het OM specifieke deskundigen ernaar moeten laten kijken.
'Wel bewijs voor ontucht, niet voor verkrachting'
De ontucht met het buurmeisje uit Glanerbrug kan wel worden bewezen. Foto’s van haar zijn immers in zijn computer gevonden. Voor verkrachting geldt dat echter niet. Beschadiging van het lichaam van het meisje kan evengoed door haar betrokken oma zijn veroorzaakt, zo zou Geert B. hebben gezegd.
De aanwezigheid en het vervaardigen van kinderporno is volgens Kalk wel te bewijzen.
Over de zaak Semiha zegt Kalk dat het opmerkelijk is dat hij op een meisje zou zijn afgestapt met wie hij geen eerder contact had. Dat wijkt af met andere zaken waarin hij juist meisjes uitzocht die hij wel al langer kende.
Geen vingerafdrukken
Kalk zegt dat het vreemd is dat er geen vingerafdrukken van hem in het huis van Semiha zijn gevonden. Hij betwijfelt de betekenis van de DNA-match. De officier van justitie verweet hij tunnelvisie: Er moest zo worden geredeneerd dat Geert B. zou hangen. Kalk: “Er is twijfel over de herkomst van het onderzochte DNA-materiaal, twijfel dat er iets mis is gegaan bij het onderzoek, en twijfel over de vraag waarom B. in de woning moet zijn geweest. Zonder DNA-match in 1991 was er volstrekt onvoldoende bewijs om B. te vervolgen. B. kan best via de verrekijker hebben gezien wat Semiha aan had. Wat overblijft is dat hij nooit op de plaats van het delict is geweest”. Volgens Kalk moet dit tot vrijspraak leiden voor de doodslag op Semiha.
“Cliënt kan niet van kleine meisje afblijven en dat is niet aan de haak. Maar dat maakt hem nog geen moordenaar”, aldus Kalk. Volgens hem is B. ook als slachtoffer te beschouwen. Zijn ouders hebben niet voor hem gezorgd, hij leefde tien jaar in een internaat in Oosterbeek en daarna in drie gastgezinnen. In het internaat werd hij veelvuldig misbruikt. Hij bood zijn diensten aan de leiding aan om iets gedaan te krijgen, aldus Kalk.
In De Karelskamp is Geert B. al enkele keren in elkaar geslagen terwijl de bewakers erbij staan en ernaar kijken.
Vonnis: 20 mei.



Sorteer reacties
















