De beslissing van de Universiteit Twente Iraanse studenten te weren staat niet op zichzelf. Het wekt de schijnt van krampachtig bestuur.
Het is me nog niet gelukt er helemaal hoogte van te krijgen: die rare
beslissing van de Universiteit Twente om geen studenten uit Iran meer toe te
laten. De ayatollahs in dat land mogen geen kernbom maken en dus blijft de
UT gesloten voor Iraniërs die toegepaste onderwijskunde willen komen
studeren, of informatica, of bedrijfskunde. Elke Iraniër kan immers vol
zitten met kwade bedoelingen.
Het is wellicht als volgt gegaan in
Enschede. Op een namiddag in december zaten de leden van het College van
Bestuur van de universiteit net gemoedelijk samen aan een Twents
kruidenbittertje, toen er een ijverige stafmedewerker kwam binnenlopen. Er
moest voor kerst nog iets gebeuren met een brief van de ministers Plasterk
en Verhagen. In die brief ging het om de uitvoering van een resolutie van de
VN-Veiligheidsraad. Volgens de ministers van Onderwijs en Buitenlandse Zaken
betekende dit dat alle universiteiten en hogescholen in Nederland moeten
helpen verhinderen dat Iraniërs er met onze nucleaire kennis vandoor gaan.
Nu is UT-collegevoorzitter Anne Flierman iemand die Den Haag hoog heeft, dus
daarvoor wilde hij zijn kruidenbittertje wel even opzij zetten. Bovendien,
zal Flierman hebben gedacht, Twente ligt helemaal in het oosten en dat is
toch gauw dichter bij Iran dan de andere universiteiten in Nederland. En zo
liet de Universiteit Twente zich strikken voor een spelletje paranoia in een
kwestie die eigenlijk alleen maar symbolische betekenis heeft. Vooral met
reputatieschade voor de Twentse universiteit.
Het is troebel en
eigenlijk ook laf van twee ministers om de verantwoordelijkheid voor dit
soort zaken bij de universiteiten te leggen. Dat brievengeklets over
waakzaamheid en alertheid tegen studerende nucleaire kennisspionnen uit Iran
is net zo'n onzin als die tv-spotjes over de 'tweehonderdduizend
professionals die allemaal samenwerken tegen terrorisme'. Ik schijn als
docent zo'n terrorismebestrijder te zijn en wellicht u ook wel. Maar als
ministers het lef ontberen beslissingen over dit soort vermeend strategische
zaken te nemen, dan hoeft een universiteit zichzelf toch nog niet voor schut
te zetten? Er had ook een brief terug naar de ministers kunnen gaan: "
Amices, wij respecteren uw intenties, maar de Universiteit Twente levert
geen nucleaire knutselpakketten en verder staan wij voor de academische
vrijheid." Zo'n brief kwam er niet.
Bij deze hele kwestie gaat
het om enkele studenten. Toch kunnen juist dit soort kleine gevallen
tekenend zijn. Stafmedewerkers van het universiteitsbestuur maken grote
plannen en houden secuur de post uit Den Haag in de gaten. Faculteitsdecanen
toveren in hun eigen wereld visioenen over immer toenemende stromen
studenten vol onderwijsavontuur. En een collegevoorzitter spreekt in zijn
nieuwjaarstoespraak van een 'battle for brains', een strijd om talent die
steeds internationaler wordt. Allemaal indrukwekkend, alleen verbleekt het
snel als in de praktijk niet duidelijk blijkt waar de universiteit eigenlijk
voor staat.
Ik krijg er geen hoogte van. Er is aan de Universiteit
Twente de laatste jaren stevig bezuinigd, zo stevig dat er nu juist een
begrotingsoverschot bestaat. Faculteiten krijgen te horen dat er geld moet
worden uitgegeven. Dit is een vreemde manier van balanceren die de schijn
wekt van krampachtig bestuur. Als dit met de principes van academische
vrijheid ook zo gaat, zoals in het geval van de onwelkome Iraanse studenten,
dan zal het nog lastig worden om zoveel internationaal talent naar Twente te
halen als in de plannen wordt voorgesteld. Ik ben er dus niet zeker van dat
de kwestie rond de Iraanse studenten in Twente op zichzelf staat.


Sorteer reacties












