ENSCHEDE – Het kabinet slaagt er niet in om het aantal dierproeven terug te dringen. Hoewel alternatieve succesvolle testmethoden in ontwikkeling zijn, stuit de grootschalige invoering daarvan op strenge Europese richtlijnen. Ook is het door het kabinet toegezegde kenniscentrum voor alternatieven voor dierproeven nog steeds niet officieel in gebruik genomen.
Dat zeggen deskundigen van TNO en het Leids Universitair Medisch Centrum
(LUMC). „Het gaat ontzettend langzaam”, zegt genetisch toxicoloog Cyrille
Krul van TNO. „Er wordt nu gewoon te weinig toegelaten.” Hoogleraar
alternatieven voor dierproeven Coenraad Hendriksen schat dat het ‘een
generatie zal duren’ voordat de alternatieven geaccepteerd worden. Op dit
moment daalt het aantal gebruikte dieren met minder dan een procent per jaar.
Ook het Leids Universitair Medisch Centrum loopt op tegen bureaucratische
problemen. Het LUMC heeft een succesvolle methode ontwikkeld om menselijke
huidcellen te gebruiken voor onderzoek naar kanker en de giftigheid van
stoffen. „Het is ontzettend kostbaar en kost veel tijd om dit toegelaten te
krijgen”, zegt celbioloog Abdoulwaheb el Ghalbzouri. „Het is bijna
onbetaalbaar om dat voor elkaar te krijgen.” Jaarlijks worden ongeveer
600.000 dieren gebruikt voor onderzoek naar schadelijke stoffen en ziekten,
de ontwikkeling van medicijnen en vaccins en onderwijs. Daar bestaan veel
ethische bezwaren tegen. Het kabinet heeft vorig jaar aangekondigd te
streven naar ‘vervanging, vermindering en verfijning’ van deze experimenten.
Wetenschappers en onderzoekers werken aan verschillende methoden die het
gebruik van dieren overbodig kan maken, zoals computermodellen, onderzoek op
(stam)cellen en het gebruik van menselijke huid. Grootschalige toepassing
daarvan kan pas na toestemming van het ECVAM, het Europese centrum waar
alternatieve testmethoden worden gekeurd. De eisen die zij stellen zijn
torenhoog, en bovendien zijn de medewerkers onvoldoende getraind in het
beoordelen van onderzoeken die niet op dieren zijn uitgevoerd, zeggen
deskundigen.
De Vereniging Proefdiervrij noemt het ‘schandalig’ dat het door het kabinet
toegezegde kenniscentrum nog steeds niet officieel in werking is. Het
kenniscentrum moet de informatie over alternatieven breder beschikbaar
stellen. Het centrum zou per 1 januari van start gaan. Volgens het
ministerie van VWS is het wachten nog op het ‘instemmingsbesluit’.



Sorteer reacties











